VAN JALOEZIE EN HEBZUCHT NAAR LIEFDE EN BROEDERSCHAP

19 Dec '21

“Je hebt alleen macht nodig als je iets schadelijks wilt doen, anders is liefde genoeg om al het andere te doen.” Charlie Chaplin.

De bedoeling van deze bijdrage is een reactie of wellicht beter een reflectie te geven op de Openbare Les over de Betekeniseconomie van Kees Klomp, een les die hij gaf op 11 november 2021 ter gelegenheid van zijn inauguratie als lector Betekeniseconomie aan Hogeschool Rotterdam: https://www.hogeschoolrotterdam.nl/onderzoek/projecten-en-publicaties/pub/de-betekeniseconomie-de-waarde-van-verweven-l/0e959e65-711d-4ecf-8ef4-543c2aa40d8f/

De kleuring die deze reflectie heeft meegekregen is die van mij als Executive Mentor in Bewustzijnsontwikkeling. Een vormend beroep dat veel aandacht vraagt voor hetgeen zich in buitenwereld, maar vooral voor wat zich in de binnenwereld van mensen, afspeelt. Zo binnen zo buiten wordt wel gezegd, waarmee wordt bedoeld dat de buitenwereld het spiegelbeeld vormt van hetgeen zich in de binnenwereld van mensen manifesteert. Een logische, doch lastige, factor die daarbij een rol speelt is dat de buitenwereld maar al te vaak een minder positieve invloed heeft op de vorming en de beleving van de binnenwereld.

Het behoeft geen betoog dat er een paradigmashift in het individuele en collectieve bewustzijn én in het denken nodig is om te komen tot de Betekeniseconomie, zoals die door Kees Klomp uitgebreid en doeltreffend is beschreven.

Frederic Laloux, schrijver van Reinventing Organizations (2014) schrijft over bewustzijn: “Het is waarschijnlijk geen overdrijving, maar een trieste realiteit, dat het voortbestaan van veel soorten, ecosystemen en mogelijk de hele mensheid afhangt van ons vermogen om te komen tot hogere vormen van bewustzijn en van daaruit op nieuwe manieren samen te werken teneinde onze relatie met de wereld en de schade die we hebben veroorzaakt, te helen.”

Ik spreek dan ook graag over de Bewustzijnseconomie als ‘alter-ego’ van de Betekeniseconomie, een terrein waaraan ik vol overtuiging en naar mijn beste kunnen en weten een bijdrage lever vanuit mijn beroep mensen te begeleiden in hun ontwikkelingsproces en mijn missie liefde te demonstreren in alles wat ik doe (en nalaat).

Als mentor werk ik met graag leiders die ‘vóór de troepen uitlopen’ in hun leven en werk. Het pad dat ik met hen verken en ben ingeslagen is het pionieren in het concretiseren van de Betekeniseconomie met de focus op de balans tussen welzijn, welbevinden en welvaart. Als logisch gevolg daarvan ben ik het pad van de kapitalistische economie met het dogma van de alsmaar voortdurende economische groei zo successievelijk aan het verlaten.

Ik ben me ervan bewust dat zowel Kees Klomp als ondergetekende zelf ook vóór de troepen uitlopen. De overtuiging van de noodzaak te komen tot een dramatisch andere invulling van de ecologische en economische agenda (zowel innerlijk als uiterlijk) dan de huidige sterkt ons om het hoofd boven het maaiveld uit te steken.

Onderstaand komen aan de orde: a. Het hart en reikwijdte van de Betekeniseconomie. b. Wereldbeelden c. Een andere kijk op groei. d. Bewust Leiderschap. e. Kwaliteiten en Houdingen f. Zelfontplooiing en Bewustzijnsontwikkeling en g. Slot.

Het hart en de reikwijdte van de Betekeniseconomie.

176840154_10208295097331793_1289967345261402213_n

Bewerkt citaat van Kees K.:Bij de Betekeniseconomie draait het om de (h)erkenning en beleving van ‘het’ leven als het grootste goed (rechtervleugel in de tekening). We ervaren verbinding met de energie van ‘het’ leven als we vanuit ons hart contact maken met -en ons onderdeel voelen van- het grotere geheel. Op celniveau en energetisch is immers alles onlosmakelijk met elkaar verbonden. Om dit eenheidsbesef te benadrukken zou ik om de oorspronkelijke tekening van Kees K. een groot hart willen tekenen. Als de verbinding met ‘het’ leven wordt ervaren, wordt het de natuurlijkste zaak van de wereld om ‘ons’ leven te wijden aan het dienen van ‘het’ leven. Er is immers geen onderscheid tussen ‘mijn’ leven en ‘het’ leven. Dat is het hoogste doel – bedoeling – van ‘ons’ leven en als we dit demonstreren door middel van liefdevol en geëngageerd gedrag in het algemeen, alsmede in ons economisch handelen (en niet handelen) ervaren we betekenis en geven ‘we’ zin aan het leven (linkervleugel in de tekening).”

In de vigerende economie met de nadruk op geld, bezit, macht en aanzien lijken de meeste mensen de geschetste verbinding met ‘het’ leven kwijt te zijn en daarmee mogen we gerust stellen dat de Betekeniseconomie voor hen een ver van mijn bed show is of wellicht zelfs vloeken in de kerk. Het neoliberale discours en de nog alom aanwezige confessionele invloed daarop zijn diep verankerd in de maatschappij, alsmede in de algoritmen van de overheid én die van de sociale media, bij de machthebbers in het bedrijfsleven en bij de mensheid als geheel. In de hele wereld is sprake van arbeidsslavernij en onderdrukking op grote schaal. En het denken in doelmatigheid, centralisatie, hiërarchie, discipline, alsmede het -in mijn ogen- bedenkelijke mensbeeld van Taylor en Fayol zijn anno 21e eeuw nog zwaar in de mensheid en haar economisch handelen verankerd. Zo ook het Angelsaksische bestuursmodel met Shareholders als machtigste partij. Zonder overdrijving kunnen we rustig spreken van een sociale ontwrichting op wereldschaal. Dit is cynisch en zorgwekkend tegelijkertijd, met name omdat de meeste mensen zich er niet van bewust zijn en ‘zij’ de bedoelde ontwrichting daardoor onbewust in stand houden en er zelfs aan meewerken.

Kees K. positioneert de Betekeniseconomie als existentiële economie en oppert om daarin ecologie als uitgangspunt te nemen. Hij benadert de Betekeniseconomie als (economisch) toegepaste ecologie en dan evalueert de term Betekeniseconomie of Bewustzijnseconomie naar Economische Ecologie. Er treedt daarmee een wezenlijke perspectiefverschuiving op; we bekijken onze samenleving niet meer met de huidige economische lens. Om dat voor elkaar te krijgen dienen we ons als eerste het existentiële belang van ‘het’ leven te herinneren (er ons weer van bewust te worden). Het ‘leven’ is namelijk expliciet existentieel. Om de bedoelde existentiële herinnering boven tafel te krijgen valt gemakkelijk in te zien waarom ik het belang van bewustzijnsontwikkeling dik onderstreep.

Wereldbeelden

Het dominante wereldbeeld in de huidige samenleving en de economie is samen te vatten als: De wereld is vol van leefbare opties en talrijke alternatieven.”

kenmerken van dit –Ik gerichte—wereldbeeld zijn: Het nastreven van zelfstandigheid en onafhankelijkheid, met een strategie die is gebaseerd op een sterk calculerend vermogen en denken. Het denken is bovendien prestatie- en competitie gericht en antiautoritair. De centrale vraag is: ‘Wat is goed voor mij?’ Woorden en denkbeelden van anderen worden afgekapt en men gelooft vooral in individuele resultaten en eigen kunnen.

Jaloezie en hebzucht, alsmede corruptie en misbruik zijn in dit wereldbeeld nooit ver weg.

Grootste bezwaar: Denken in schaarste en tekort. Alles komt uit het hoofd en er is geen verbinding met het hart. Ongebreidelde groei in consumptie. Korte termijn denken.

Voorbeelden in het heden: De parallelle financiële economie. De opkomst van cryptocurrency. Het dogma van de economische groei. Ondernemen in Nederland. Banken. Neoliberale politiek. Bonuscultuur. Angelsaksisch bestuursmodel.

De motivatie in dit wereldbeeld is materialistisch bepaald, met het individualisme en het ‘succes dogma’ als drivers.

——————————-

Het dominante wereldbeeld in de maatschappij van de toekomst en Betekeniseconomie (in haar ultieme vorm!) is samen te vatten als: “Het herinneren en herstellen van de verbinding met de totale aarde, met je broeders en zusters, alsmede met de natuur als levende entiteit.”

Kenmerken van dit –Wij gerichte– wereldbeeld: Verbinding met het hart en de intuïtie. Bewust van het grotere geheel. Optreden vanuit eenheid. De natuur is in jou. Fundamenteel respect voor alles wat leeft en beweegt. Verantwoordelijkheid voor de leefomgeving. Leven en handelen vanuit vertrouwen en overvloed, het hart en het gevoel. Holistische leefsystemen. Demonstreren van Liefde. Hoogstaande moraliteit. Gericht op ontwikkeling, netwerken en samenwerken. ‘Je’ kunt het niet alleen. Denken op lange termijn.

Dominante waarden zijn wederkerigheid, broederschap en liefde

Voorbeelden in het heden: Het groeiende verlangen en de hoop van een aantal mensen (‘onbewust’ gestimuleerd door jongere generaties) te komen tot meer (hart)verbinding, een toekomstbestendig leefklimaat en alternatieve, socialere, samenlevingsvormen. Alsmede ontwikkeling van Integrale intelligentie, zowel cognitief, sociaal als spiritueel.

De motivatie in dit wereldbeeld wordt bepaald door het vooruitzicht van collectieve heelheid, met het ecologisch floreren als driver.  

————————-

Echt met impact gestalte geven aan de Betekeniseconomie is pas mogelijk als mensen mentaal en vooral gevoelsmatig overtuigd zijn van de noodzaak en de toegevoegde waarde van het laatst geschetste wereldbeeld en we massaal de neus dezelfde kant op hebben staan. Ik zie daar een essentiële bottleneck voor het snel van de grond komen van deze economie. Verreweg de meeste mensen handelen nog volop, zo niet volledig, vanuit het eerst geschetste wereldbeeld, waarin mensen opereren vanuit het Ego, ernstig toenemende polarisatie en het neoliberale denken en economisch gezien het kapitalisme met haar winstmaximalisatie en haar groeidogma de boventoon voeren. In die context dragen de opeenvolgende existentiële crises een dringende ‘boodschap’ aan de mensheid in zich om bewust te worden een en ander dramatisch anders aan te pakken en alle energie en inventiviteit te steken in het herstel van de ecologie. Tegelijkertijd is het cynisch en triest om te beseffen dat die crises nodig zijn om tot heling van de mensheid en de aarde te komen.

Een treffend citaat van Laloux:

“Einstein deed eens de beroemde uitspraak dat problemen niet konden worden opgelost op hetzelfde bewustzijnsniveau als dat waarop ze waren gecreëerd. Misschien moeten we naar een nieuwe bewustzijnsfase, een nieuw wereldbeeld, om organisaties opnieuw uit te vinden. Voor sommige mensen zou de gedachte dat de maatschappij naar een ander wereldbeeld zou kunnen  overschakelen en dat we vanuit dat wereldbeeld een radicaal nieuw type organisatie zouden kunnen creëren neerkomen op luchtfietserij. En toch is dat precies wat verschillende keren in de menselijke geschiedenis is gebeurd en er zijn elementen die erop duiden dat een volgende verandering van denkwijze – en dus een ander organisatiemodel (en een andere economie, KvdS) – wel eens op het punt van doorbreken zou kunnen staan.”   

Een specifiek aandachtspunt voor de transitie naar de Betekeniseconomie als te bereiken bewustzijnsfase is dat er een intrinsieke ontwikkelingsbehoefte van individuele mensen aan ten grondslag dient te liggen.

Laloux zegt hierover:

“Cognitief, psychologisch en moreel is het maken van de stap naar een nieuwe fase een enorme verrichting. Het vergt moed (en aanpassingsvermogen, KvdS) om oude zekerheden los te laten en met een nieuw wereldbeeld te experimenteren. Een tijdlang kan alles onzeker en verward lijken. Het kan ook eenzaam zijn, waar we soms gaande het proces nauwe banden met vrienden en familieleden kunnen kwijtraken die ons niet langer begrijpen. Groeien naar een nieuwe vorm van bewustzijn is altijd een zeer persoonlijk, uniek en enigszins mysterieus proces. Je kunt het aan niemand opdringen. Je kunt niemands bewustzijnsontwikkeling afdwingen, zelfs niet met de beste bedoelingen – een harde waarheid voor coaches en consultants die leiders van organisaties graag met de kracht van de overtuiging aan een complexer wereldbeeld zouden helpen. Wat we wel kunnen doen, is omgevingen scheppen die bevorderlijk zijn voor een groei naar latere stadia. Wanneer iemand omringd is door leeftijdsgenoten of collega’s die de wereld al vanuit een meer complex perspectief zien, in een contact dat veilig genoeg is voor het verkennen van innerlijke conflicten, is de kans groter dat hij of zij de sprong zal wagen.”

Om te komen van het dominante wereldbeeld in het hier en nu naar het wereldbeeld van de Betekeniseconomie en het daadwerkelijk neerzetten van die economie ligt er een cruciaal struikelblok op het pad, te weten de doorlooptijd. Elk aspect van het toekomstige wereldbeeld dient namelijk individueel en collectief doorleefd en ervaren te worden en dat brengt een lange doorlooptijd met zich mee, vele jaren naar mijn inzicht. En dit doorleven en ervaren wordt nog extra gecompliceerd, doordat het huidige dominante wereldbeeld het toekomstige niet ‘ziet’ of beter ‘niet kan zien’. Er is sprake van een gapend gat in het bewustzijn en het denkraam tussen de twee wereldbeelden en het is mijn ervaring dat het overbruggen daarvan op individueel niveau al geen sinecure is, laat staan op het collectieve niveau. Dit laatste zal nog aanzienlijk verergeren doordat de weerstand en de polarisatie vanuit de overheid, de politiek, het bedrijfsleven, de aandeelhouders, de welgestelden én de burgers bijzonder omvangrijk zal zijn. Men dient de verworvenheden in de huidige economie los te kunnen laten om het ongewisse in de Betekeniseconomie te kunnen omarmen.

De Betekeniseconomie afdwingen of opleggen lijkt me een heilloze weg. We dienen mijns inziens eerder te denken aan democratische processen en aan technieken zoals deep democracy om minderheidsstandpunten recht te doen, alsmede aan het inzetten van technieken uit oude overleveringen, zoals de spreekstokmethode. Betrokkenheid van velen en inclusie dienen geen loze kreten te zijn.

Naast bewustzijnsontwikkeling vergt het sowieso een doordacht, gefaseerd én overtuigend communicatieplan. De communicatie op zich dient zo geweldloos en verbindend mogelijk te zijn, vrij van Ego- belang, waaronder (voor)oordelen. ‘De ander’ is het beste gediend met een ruimte biedende communicatiestijl. Het stellen van open vragen en het empathisch luisteren naar de antwoorden zijn cruciaal om die verbinding te waarborgen. Met stroop vang je nou eenmaal meer en gemakkelijker vliegen dan met een vliegenmepper.

In ecologisch-ethische termen gaat het om communicatie waarin welwillende waarheid een belangrijke rol speelt, te weten zodanig communiceren en feedback geven dat de ander er beter van wordt en kan groeien.

Mijn conclusie van deze paragraaf is dat de Betekeniseconomie slechts sterk gefaseerd tot stand kan komen, een lange transitietijd (50 tot 100 jaar) zal vergen en onderbouwd dient te worden met overtuigende en zuivere argumenten, om vervolgens door middel van een deskundige communicatie en begeleiding verspreid te worden.

Het zal de lezer inmiddels duidelijk zijn waarom ik deze verhandeling de titel Van Jaloezie en Hebzucht naar Liefde en Broederschap heb meegegeven.

Een andere kijk op groei

Citaat van Laloux: “We spelen een uiterst riskant spel met de toekomst , waarbij we erop wedden dat meer technologie de wonden zal helen die de moderniteit aan de planeet heeft toegebracht. Economisch gezien loopt een model van almaar meer groei met beperkte hulpbronnen absoluut vast; de recente financiële crises (en de Coronacrisis, KvdS)  zijn mogelijk nog maar trillingen die vooruitlopen op komende grotere aardschokken.

In de Betekeniseconomie krijgt het begrip groei een geheel andere betekenis dan in de Markteconomie, waarin winstmaximalisatie en maximalisering van aandeelhouderswaarde al vele decennia de dogmatische boventoon voeren. In de Betekeniseconomie zal een begrip als ‘maatschappelijk dividend’ meer en meer aan terrein winnen, want net zoals onze gezamenlijke kennis een collectief iets is, behoort ook datgene wat we creëren toe aan het collectief. Alleen zo kan de wereld een mooiere, schonere, florerende en liefdevollere plek worden. Dat is waar de Betekeniseconomie voor staat en waar werkelijke vooruitgang mee gediend is.

Dus alles wat gemaakt wordt dient te worden teruggegeven aan de maatschappij en dat mag vanzelfsprekend groeien, maar deze groei bestaat uit meerdere groeifactoren dan alleen uit groei van de omzet of het financiële resultaat. Het zijn vooral ‘andere’ groeifactoren dan groei in omzet en winst die het bestaansrecht en de kernwaarden van de Betekeniseconomie stutten.

Belangrijke groeifactoren in (de transitie naar) de Betekeniseconomie zijn:

Meer Verbinding –  In deze groeifactor staat de mens centraal met liefde, broederschap, ontplooiingsmogelijkheden en gelijkwaardigheid als de belangrijkste drijfveren/waarden. Vervolgens is er respect en waardering voor de opvattingen in het huidige wereldbeeld en voor hetgeen er is en nog wordt bereikt in de huidige economie, inclusief de indrukwekkende technologische- en de digitale ontwikkelingen. En er is verbindend leiderschap vanuit het hart en authenticiteit, hetgeen een sterk gemitigeerd Ego-belang met zich brengt en de verantwoordelijkheid te zorgen voor psychologische veiligheid en constructieve feedback in de samenwerking en de omgang met stakeholders.

In ecologisch-ethische termen verwoord gaat het om Geweldloosheid, met als belangrijkste kenmerk uit het (voor)oordeel te blijven.

De positieve ‘boodschap’ die in bovenstaande woorden verscholen ligt is dat we elke nanoseconde de gelegenheid (de kans) hebben om iets nieuws te beginnen, iets radicaal anders te doen als dat zich aandient en tegelijkertijd dankbaar te zijn en respect te hebben voor wat er door de generaties heen gerealiseerd is en waarop we voort kunnen bouwen of iets totaal nieuws kunnen realiseren. Die dankbaarheid en dat respect gelden ook voor hetgeen er door de generaties heen mis is gegaan, misbruik van is gemaakt, vernield is, onherstelbaar beschadigd is, enz. Dat laatste klinkt wellicht vreemd of paradoxaal, maar juist wat misgegaan is (in onze ogen!) geeft de huidige en toekomstige generaties de kans om het ‘anders’, ‘beter’ of ‘creatiever’ en ‘duurzamer’ te doen.

Meer aandacht voor ecologie – In deze groeifactor staat het ecologisch rendement voorop. Dit rendement dient bereikt te worden door het herstel van de biodiversiteit en de natuur. Schone industrie, schone oceanen, het ontwikkelen en bieden van duurzame industriële en agrarische oplossingen, het stoppen met ontbossen en het stoppen met de bio industrie zijn de dragers van dit herstel.

Meer Kwaliteit – In deze groeifactor staat het impeccable handelen centraal, hetgeen in de context van deze reflectie vooral betekent de juiste argumenten voor verandering aandragen en deze veranderingen met het inzetten van geweldloos communiceren en met zorgvuldigheid, op het juiste tijdstip, met de juiste mensen, met de juiste hulpmiddelen en in de juiste context, te implementeren.

Meer Creativiteit – In deze groeifactor staan inventiviteit, innovatie, waarde creatie en nieuwe concepten centraal.

Meer Ontwikkeling – Inspiratie(rendement), emancipatie, een leven lang leren, talentontwikkeling, opleiden, ondersteunen, persoonlijke ontwikkeling en ruimte geven en nemen voor experimenten staan in deze groeifactor in het middelpunt.

Meer Samen – Deze groeifactor is cruciaal in de Betekeniseconomie en staat voor elkaar aanvullen, het elkaar vertrouwen, op elkaar kunnen bouwen, samenwerken, teambuilding, alsmede elkaar de ruimte en de vrijheid geven om te zijn wie je bent.

Meer Inclusiviteit –  Deze gevoelige groeifactor hangt samen met de ‘innerlijke ecologie’ van mensen en wordt gekenmerkt door meer hartenergie, gelijkwaardigheid, geen discriminatie, geen andere vormen van uitsluiting of afwijzing en geen polarisatie.

Meer floreren en gedijen – In deze groeifactor gaat het om het sociaal rendement en dat te bereiken door broeder- en zusterschap, spelen, alternatieve mensgerichte organisatievormen (Laloux), vrije en blije mensen, kansen grijpen, plezier, elkaar de bal toespelen, elkaar gunnen te schitteren als dat zich voordoet en vooral door elkaar met liefde en aandacht omringen.

En last but not least nog een die in alle genoemde groeifactoren een rol speelt en daarmee alles omvat, te weten Meer houvast in bewustzijn – Dit houvast is te bereiken door te werken aan, en je bewust te zijn of te worden van, je eigen waarden en hoe die waarden zich verhouden tot de waarden die de Betekeniseconomie dragen, te weten: Plek in de wereld, integriteit, ecologisch besef, ethisch besef, bewust leiderschap, verantwoordelijkheid, veiligheid, vertrouwen, verbinding, vrede, vrijheid, dienstbaarheid, liefde, transparantie, inclusie, inspiratie, motivatie, ruimte, enz. Dit alles Ego overstijgend en in het besef dat we allen één zijn.

Kees. K. heeft zijn openbare les ‘De Waarde van Verweven Leven’ als subtitel meegegeven. Alles in dit hoofdstuk over groei is bedoeld om bij die subtitel aan te sluiten. Ik ben mij ervan bewust dat ik een ideaalbeeld heb geschetst, doch ik ben eveneens doordrongen van het feit dat de mensheid er niet aan ontkomt het roer radicaal om te gooien willen we een kans maken vreedzaam te overleven. Het is in mijn beleving van existentieel belang te komen tot een dramatisch andere economie!

Om dit hoofdstuk af te sluiten nog een citaat van Laloux over winst: “In cyane organisaties (= Betekeniseconomie, KvdS) is winst een bijproduct van een geslaagde activiteit. De filosoof Viktor Frankl formuleerde het misschien wel het beste. ‘Net als geluk, kan succes niet worden nagestreefd; het moet een gevolg zijn – en dan alleen als onbedoeld neveneffect – van je persoonlijke toewijding aan een zaak die groter is dan jijzelf.’ Deze opvatting is een tweede grote paradox (de eerste grote paradox is de financiële groeiobsessie in het huidige wereldbeeld, KvdS): door meer op het ruimere doel dan op de winst te focussen, zal de winst eerder binnenstromen.”

Bewust leiderschap

In de Introductie van het boek ‘Conscious Leadership: Elevating Humanity Trough Business’ (2020) geven de auteurs John Mackey, Steve McIntosh en Carter Phipps een korte samenvatting van hetgeen zij verder in het boek in extenso behandelen. De schrijvers introduceren negen highlights in hun visie op bewust leiderschap, te weten:

“Vision & Virtue- Conscious leaders put purpose first, guided not only by profit but by a vision for the value they can contribute to the world. They lead with love—treating business not as cutthroat competition but as an opportunity to serve and uplift people and communities. And they strive to always act with integrity, holding themselves to the highest standards in order to earn the trust of those they lead and those they serve.

Mindset & Strategy – Conscious leaders are determined to find win-win-win solutions to every challenge. They innovate and create value, and build cultures around them that nurture and liberate the creative spirit. They are not blinkered by short-termism; they think long term about the impact of their actions and choices.

People & Culture- Conscious leaders are sensitive to the culture around them and work to constantly evolve the team. They recognize how important it is to regularly revitalize—renewing their own physical, mental, emotional, and spiritual energy. And they have a commitment to continually learn and grow, both personally and professionally.”

Hun visie op bewust leiderschap past naadloos op het leiderschap dat nodig is in de Betekeniseconomie, alsmede op hetgeen ik in mijn werk met mentees wil bereiken of waar ik met hen naar toe werk. Het sluit ook impeccable aan bij de inhoud van de openbare les van Kees K. en  alles wat ik in deze reflectie heb verwoord.

En de schrijvers ronden hun Introductie af met:

“Our business community—and our world—has never been in greater need of conscious leaders. Indeed, it is not only companies that need conscious leaders, but governments, non-profits, educational institutions, the military, and more. While the examples in this book are drawn primarily from business, our intention is that the principles and practices we share can be applied in any sector. When leaders become more conscious, the organizations they lead become more conscious, creating an ever-widening circle of purpose-driven cultures and communities. We elevate business through our humanity, and we elevate humanity through business. In this way, everyone wins.”

De lezer zal begrijpen dat deze zinnen mij als muziek in de oren klinken.

Ik kan het boek ‘Conscious Leadership’ van harte aanbevelen. Hetzelfde geldt voor het boek ‘Reinventing Organizations’ van Frederic Laloux. Beide boeken zijn in mijn beleving baanbrekend.

Om dit hoofdstuk af te ronden verwijs ik graag nog naar twee blogs die ik jaren geleden schreef, te weten: https://www.keesvanderstel.nl/van-lijden-naar-leiden/ (2012). Dit blog gaat over leiderschapsparadigma’s in de 20e en 21e eeuw. En https://www.keesvanderstel.nl/vijf-stappen-naar-innerlijk-leiderschap/ (2013). Dit blog gaat over de overkill aan opties in de huidige economie en wat suggesties hoe ermee om te gaan.

Zelfontplooiing en bewustzijnsontwikkeling

Zelfontplooiing heeft te maken met ontwikkeling van je talenten en je bewustzijn, verbreding van je scope en je wereldbeeld, alsmede uit het leven halen wat er voor jou inzit. Daarmee dient zelfontplooiing een emancipatoir doel. Werken aan dat doel lijkt mij dé behoefte en dé noodzaak voor de komende decennia om er zeker van te zijn dat de Betekeniseconomie van de grond komt. De voorlopers en trekkers (zoals Kees K.) van deze economie dienen zelfbewust, stevig geaard en wakker in hun schoenen te staan om in het oog van de orkaan van polarisatie en weerstand overeind te blijven.

Gaat het bij persoonlijke ontwikkeling om de ontplooiing van de persoonlijkheid naar volle wasdom, dan gaat het bij bewustzijnsontwikkeling om het ‘door-ontwikkelen’ van jezelf op diepere en bredere, meer onbewuste, lagen. Centraal staan het verder ontsluiten van je intuïtie, het stimuleren van je ontvankelijkheid voor andere wereldbeelden, perspectieven en paradigma’s, alsmede het verder ontplooien van je creativiteit en het je bewust worden van je identiteit, je levensmissie en je levensopdracht. Ook op die diepere en bredere lagen in je onderbewuste spelen ondersteunende en belemmerende elementen een rol. Dat zijn je diepste overtuigingen, schaduwkanten, (oude verroeste) ankers, dieperliggende normen en waarden. Maar belangrijker is dat ook de wijsheid, de onverstoorbaarheid, het innerlijk leiderschap, de spiritualiteit en het bewust zijn in die lagen besloten zijn.

Bewustzijnsontwikkeling en de begeleiding daarvan gaan dan in op het bewust worden van deze dieperliggende ondersteunende en belemmerende elementen, het naar voren laten komen van je wijsheid, onverstoorbaarheid, enz., het stretchen van je emotionele- en spirituele intelligentie (EQ en SQ), alsmede om te leren te ‘Zien met het hart’.

Samengevat is de doelstelling van zelfontplooiing en bewustzijnsontwikkeling om verbonden met je hart een traject te gaan van onbewust onbekwaam, naar bewust onbekwaam, naar bewust bekwaam, naar heelheid en tenslotte naar de bewuste, vrije en spelende mens (homo ludens).

Het hart, daar waar broederschap en liefde (compassie, empathie en altruïsme, Kees.K.) samenkomen. Liefde uitstralen en demonstreren betekent voor mij iets anders dan altijd lief zijn. Als je naar het Yin-Yang symbool kijkt zie je dat metaforisch terug. In Yin zit een stukje Yang en andersom. Altijd lief zijn is volgens mij een utopie of zelfs vervelend. Liefde is de tegenpool van angst. Door liefde te beoefenen, te demonstreren en uit te stralen is het mogelijk om uit de angst te stappen of anders gezegd de angst onder ogen te zien en niet langer voor ogen te houden en/of er achteraan te lopen. Dat opent de deur naar innerlijke vrede en innerlijke vrijheid én in de context van deze reflectie naar de Betekeniseconomie. Het zou zo maar kunnen dat ik het dan heb over spiritualiteit, zoals dat begrip in mijn ogen bedoeld is, te weten met een nuchtere, logische, beschouwende, open, zelfbewuste en liefdevolle houding in het leven staan, met respect voor de ander en het andere. Liefde en spiritualiteit vallen dan samen.

Kwaliteiten en Houdingen

In het vorige hoofdstuk sprak ik over het ‘in het oog van de orkaan’ kunnen staan. Om dat te kunnen is het noodzakelijk te leren een neutrale- of zogenaamde metapositie in te nemen.

Een neutrale positie houdt in de dingen kunnen waarnemen en ze te laten voor wat ze zijn, zonder ze op voorhand te labelen als positief of negatief.

Het ontwikkelen van een neutrale positie is een moeilijke en tijdrovende Inspanning, doch is fundamenteel om in het hart te komen. Het brein en je guts oordelen. Het hart introduceert de derde mogelijkheid, te weten een neutrale keuze. In ‘meta’ word je geraakt, maar niet gekwetst. Het blijft niet hangen.

Om neutraliteit te stimuleren en te demonstreren staat een reeks kwaliteiten en gedragshoudingen ter beschikking. In de context van de Betekeniseconomie beperk ik mij tot het noemen van de drie belangrijkste:

Ten eerste zal het de lezer zijn opgevallen dat ik het woord ‘impeccable’ enkele keren in de tekst heb verwerkt. Impeccability (onberispelijkheid) is een kwaliteit die inhoudelijk betekent maximale kwaliteit neerzetten binnen het kader van je mogelijkheden. Als gedragshouding vraagt het moed om op te treden met maximale kwaliteit.

Een tweede kwaliteit die in het kader van de (transformatie) naar de Betekeniseconomie grote impact heeft is innerlijke ecologie met de daaraan gekoppelde gedragshouding geduld. Elk gedrag dient gebaseerd te zijn op respect voor de materiële fysieke ecologie, respect voor je systeem en het tempo op je ontwikkelingsweg. Materiële- en persoonlijke verandering vergt tijd. Onze huidige materiële werkelijkheid is het resultaat van vroegere verbeelding. Hier is geduld over gegaan. Hoe ongeduldiger je bent, hoe meer je realisatie van de nodige veranderingen uit de weg gaat.

De derde kwaliteit is feedback. Het is een uitnodiging aan de ander om te blijven leren door zelf open te blijven staan voor en te leren uit de feedback. De maximale feedback helpt de gedragshouding helderheid te ontwikkelen. Helderheid is zich voortdurend bewust te zijn dat het leven een balans is. Het is een kwestie van de juiste maat vinden.

Slot

In een recent gesprek met Kees Klomp vroeg ik hem hoeveel procent van de huidige economie er nog in zijn eigen systeem zit. Zijn antwoord was: “Meer dan vijftig procent” en als je het mij zou vragen is mijn antwoord niet anders. De verankering van de huidige economie ligt diep in ons besloten. Wil de mensheid naar een ecologisch ingerichte economie groeien is het nodig dat zij zelf ook ecologisch transformeert. Zo binnen zo buiten is reeds gemeld, oftewel de externe ecologie dient een weerspiegeling te zijn van de innerlijke ecologie.

Het is dramatisch transformeren of einde oefening. Daarom is het zaak een breed draagvlak voor de transformatie te creëren. Een valkuil voor de (toekomstige) betekeniseconomen is mogelijk de gelijknamige economie tot ideologie te bestempelen. Net als de huidige economie zal de Betekeniseconomie alle kenmerken van marketing in zich dragen, maar dan vanzelfsprekend marketing die is gelieerd aan de ecologische verantwoorde en morele balans tussen welzijn, welbevinden en welvaart. Met religie, sekten of -ismen heeft dat niets van doen.

De visie van de Hogeschool Rotterdam op de modernisering van het hoger economisch onderwijs richting de Betekeniseconomie en de aan lector Kees K. toevertrouwende rol te komen tot ontwikkeling en implementatie van de leerstof, het onderzoek aangaande deze economie en de inbedding daarvan in het reguliere onderwijs verdienen alle ondersteuning en geven hoop en vertrouwen dat de noodzakelijke veranderingen ook daadwerkelijk tot uitvoering worden gebracht.

Zonder me uit te kunnen spreken over de inhoud van zo’n rol is het gezien de urgentie om te veranderen tijd om te bepalen welke rol Nederland als land gaat spelen in de concretisering van de Betekeniseconomie? Ook komt de vraag op welk platform daarvoor kan worden ingezet en op welke wijze internationale aansluiting kan worden gevonden?

Een bekende metafoor zegt dat de vleugelslag van een vlinder in het ene deel van de wereld een orkaan teweeg kan brengen in een ander deel van de wereld. Dat zou ervoor pleiten om met een pilot te beginnen in Nederland. Nederland als gidsland, een rol die haar eens op het lijf was geschreven.

Een vraag die dan opkomt is wie zo’n pilot en platform gaat financieren en welke invloed dat heeft op het eerder genoemde draagvlak? De Nederlandse overheid of Europa? Het bedrijfsleven? Andere belanghebbenden in de huidige economie? Wie betaalt, bepaalt is het bekende Oud Hollandse gezegde en daar zitten we nou net niet op te wachten.

Rest mij een diepe buiging te maken en mijn respect uit te spreken voor de inhoud en de reikwijdte van het werk van Kees Klomp over de Betekeniseconomie en zijn niet aflatende inspanningen om deze economie tot werkelijkheid te brengen, alsmede voor de inhoud van de Openbare les en voor de prachtige film die ter gelegenheid van zijn eerder genoemde inauguratie als lector op de Hogeschool Rotterdam is gemaakt.

Be the change you want to be and implement the change you want to reach. 
Ga terug naar overzicht

Geef uw reactie

Regio Rotterdam
E keesvanderstelplanet@gmail.com
Terug naar boven
© 2024 Kees van der Stel